Over nee zeggen, grenzen stellen, pyjama-avonden, voetbal kijken en ontdekken dat een beetje positief egoïsme misschien helemaal niet zo verkeerd is.
Positief egoïsme. Het klinkt bijna als een contradictio in terminis. Alsof je zegt dat je op dieet bent, maar voor de balans toch iedere dag een gebakje eet. Toch is het een term die steeds vaker opduikt in gesprekken over zelfontwikkeling en geluk. Sinds ik mezelf heb uitgeroepen tot schrijver van korte stukjes, want waarom wachten tot iemand anders je die titel geeft? Mijn schoonmoeder vindt het tenslotte ook goed, ben ik gaan nadenken over een vraag: Is het eigenlijk zo erg om af en toe jezelf op de eerste plaats te zetten?
Vroeger dacht ik dat egoïsme iets was voor mensen met een Porsche, een permanent zonnebankbruin tintje en een sportschoolabonnement waar vooral selfies worden gemaakt. Tegenwoordig begin ik te vermoeden dat een beetje egoïsme misschien helemaal niet zo verkeerd is. Niet het soort waarbij je de laatste stroopwafel uit de trommel grist terwijl iemand anders net een kop thee heeft ingeschonken. Dat blijft gewoon asociaal. Tenzij je de helft teruggeeft natuurlijk. Dan noemen we het karma.
Ik bedoel het soort egoïsme waarbij je jezelf toestaat om nee te zeggen. Je grenzen aan te geven. Af en toe te kiezen voor wat jij wilt. Gewoon omdat jij daar blij van wordt. Zoals een avond op de bank met een gezichtsmasker, een zak chips en een afstandsbediening. Naar de buitenwereld kijk je zogenaamd een diepzinnige documentaire. In werkelijkheid kijk je voetbal. En daar is helemaal niets mis mee.
Sterker nog: misschien verhoog ik daarmee juist mijn standaard. Misschien verdien ik wel meer ruimte voor mezelf dan ik mezelf jarenlang heb wijsgemaakt. Misschien is het tijd om mijn leven iets vaker naar mijn eigen hand te zetten. Wie weet heb ik de wind dan eindelijk eens een keer mee, in plaats van altijd tegen. Al voelt het bij mij meestal als windkracht acht tegen, met een verdwaalde meeuw die het op mijn hoofd heeft gemunt. Maar goed. Zelfs dat schijnt karaktervorming te zijn. Of ik uiteindelijk als een volleerd zeiler door het leven ga of alsnog met mijn bootje tegen de kade knal, moet nog blijken. Nat word je toch wel. Wat ik eigenlijk probeer te zeggen, is dit:
Ik wil niet meer onzeker zijn over de dingen waar ik gelukkig van word. Ik wil daar gewoon voor kiezen. Zonder schuldgevoel. Dus ja, misschien word ik wel een beetje egoïstischer. Ik word oprecht gelukkig van een pyjama-avond met een masker op mijn gezicht. Nog gelukkiger word ik van een voetbalwedstrijd van mijn favoriete club of een mooie Champions League-avond.
En schrijven… Oh man. Wat word ik gelukkig van schrijven. En wat wil ik daar graag beter in worden. Misschien word ik later wel columnist. Of professioneel stroopwafeltester. Dat lijkt me eerlijk gezegd ook een uitstekend carrièrepad.
Disclaimer: Alle meningen in deze blog zijn tijdelijk, licht verteerbaar en 100% politiek-vrij. Eventuele overeenkomsten met serieuze standpunten berusten op toeval en een gebrek aan koffie.


Leave a comment